=

12 december 2017

Toch laag BTW-tarief voor verhuur van ligplaatsen in een jachthaven?

Al geruime tijd wordt er geprocedeerd over het toepasselijke BTW-tarief (6% of 21%) voor de verhuur/terbeschikkingstelling van ligplaatsen in een jachthaven.

Eerder oordeelden de Rechtbank en het Gerechtshof (het Hof) dat het verlaagde tarief niet van toepassing is. Volgens het Hof is de verhuur van ligplaatsen in een jachthaven niet aan te merken als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening, maar als de verhuur van parkeerruimte voor boten. Op grond van die zienswijze heeft het Hof geconcludeerd dat deze prestatie belast is naar het gewone omzetbelastingtarief van 21%. Dit oordeel staat echter nog niet definitief vast, want inmiddels ligt deze casus ter beoordeling bij de Hoge Raad.

Mogelijk krijgt deze Hoge Raad-procedure een bijzondere wending, want onlangs heeft de advocaat-generaal van de Hoge Raad geconcludeerd dat het oordeel van het Hof uitgaat van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens de advocaat-generaal is de terbeschikkingstelling van een ligplaats in een jachthaven, mét de bijbehorende gemeenschappelijke jachthavenfaciliteiten, een dienst die verband houdt met het gebruik van een accommodatie die nodig is voor de sportbeoefening, voor zover het gaat om een vaartuig dat wegens zijn objectieve kenmerken geschikt is voor de beoefening van sport. Wanneer de Hoge Raad deze conclusie overneemt, dan kan in voorkomende situaties het verlaagde BTW-tarief worden toegepast.

We zullen het oordeel van de Hoge Raad nog even moeten afwachten. Wellicht neemt de Hoge Raad het oordeel van de advocaat-generaal over. Tot die tijd is en blijft de verhuur van ligplaatsen belast met 21% BTW. Om rechten veilig te stellen kan het zinvol zijn om bezwaar te maken tegen de (periodieke) afdracht van BTW op liggelden. Alleen in dat geval kan namelijk, voor de desbetreffende tijdvakken later, een beroep gedaan worden op een eventuele (voor belastingplichtige) positieve uitspraak van de Hoge Raad.

Uiteraard zijn wij u graag van dienst bij het opstellen van een bezwaarschrift. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met één van onze medewerkers.

Let op:
Voornoemde discussie ziet uitsluitend op de vraag welk BTW-tarief verschuldigd is. Wanneer een BTW-vrijstelling aan de orde is, dan wordt aan die vraag (dus) niet toegekomen. Deze casus dient dan ook te worden onderscheiden van de situatie waarin een niet-winstbeogende watersportvereniging lig- en bergplaatsen voor zeilboten ter beschikking stelt aan haar leden. In dat geval kan gebruik gemaakt worden van een vrijstelling, zodat geen BTW is verschuldigd.

Logos